Meeuwen krijsen en verzamelen zich rond de strandgangers, hopend dat iemand ze wat lekkers toewerpt of per ongeluk een broodje laat vallen, zodat ze het snel kunnen wegkapen.
Jelle loopt langs het water en probeert de aanspoelende golven te ontwijken. Hij heeft geen zin in natte schoenen. Hij vindt de geur van de zee fijn, hij houdt van de vogelgeluiden en van het rumoer. Hij wil er zelf niet tussen liggen, alleen er langs lopen. Hij loopt ook niet op blote voeten. Hij haat het om het zand tussen zijn tenen te krijgen, wat dan vervolgens de hele weg naar huis nog prikt en schuurt. Hij loopt hier bewust langs de kustlijn waar het zand steviger is en makkelijker loopt; niet dat losse dat vervolgens alsnog in je schoenen en sokken gaat zitten.
Bijna wekelijks loopt hij hier, het jaar door. In de winter is het rustig en komt hij enkel andere dappere wandelaars tegen. ‘s Zomers is het druk met gillende kinderen, ouders die proberen om hen in de gaten te houden, zonnebadende mensen en surfers die elke golf de baas willen zijn. Hij loopt er alleen langs, wil er geen deel van uitmaken. Hij groet ook niemand. Hij kijkt zo heel af en toe naar de badgasten, maar vooral naar de kwallen, schelpen en andere dingen die aangespoeld zijn.
Bij het restaurant loopt hij via de stenen strandopgang de boulevard op en loopt daar terug naar waar hij begonnen is. Daar staat zijn fiets. Zo ook vandaag, een warme zomerdag. Hij draagt een bermuda, een shirt en schoenen met sokken. Soms draagt hij een pet, maar meestal niet. Hij weet dat het zijn hoofdhuid beschermt tegen de zon, maar hij krijgt dan een zweetrand op zijn voorhoofd. Dat voelt vies en hij vindt het nog veel erger dan een beetje verbranden.
Even verderop staat een bankje. Er hangt een groepje tieners omheen. Een paar zitten op de rugleuning. Dat klopt al niet, je hoort op de zitting plaats te nemen. De rest staat er omheen of leunt met een voet op het bankje. Ook dat hoort niet. Hij durft er echter niks van te zeggen.
Daarnaast houdt hij niet zo van tieners. Hij krijgt er een ongemakkelijk gevoel van. Niet dat ze per se iets doen, het is meer zijn angst. Hij vond zijn eigen tienertijd niet leuk. Hij voelde zich erg onzeker en onhandig. Hij kon zich toen al niet goed uiten en vond ook weinig aansluiting bij leeftijdgenoten. Zij gingen bijvoorbeeld met elkaar zwemmen in een meer, hij ging niet mee. Hij moest er niet aan denken om in het zand te liggen of het meer in te lopen waar je van alles tussen je tenen voelt. Ook van uitgaan hield hij niet. De harde muziek, het dansen waarbij je tegen andere mensen aan stoot, de alcohol die nare wezens van mensen maakt. Nee hij bleef liever thuis met zijn boeken en zijn games. Ook al is hij nu een stuk ouder, hij kan nog steeds niet goed omgaan met tieners.
Het liefst loopt hij er ook met een wijde boog omheen, maar op dit gedeelte van het pad kan hij niet meer het strand op. Hij houdt zoveel mogelijk rechts aan zodat hij een afstand creëert tussen hem en het groepje. Er lopen geen andere mensen, dus hij voelt zich veel te zichtbaar. Hij probeert ontspannen langs te lopen alsof hij hun niet eens gezien heeft, maar hij voelt toch dat zijn hart sneller gaat kloppen en dat hij een droge mond krijgt.
Hij hoort ze ineens giechelen en ginnegappen met elkaar. Zie je wel, ze lachen om hem! Hij had toch om moeten lopen. Hij spitst zijn oren of ze misschien over hem praten. Hij kijkt heel voorzichtig opzij. Dan ziet hij dat ze met elkaar lachen om een of ander filmpje op de telefoon. Hij ontspant, ze letten niet eens op hem. Hij is langs een groepje tieners gelopen en: er is niks gebeurd! Een kleine overwinning voor vandaag.
©2025 Foxfictie

Geef een reactie